Overweging op kerstavond
Hebt u het
nieuwe Tweede Kamergebouw wel eens op TV
gezien? Het is een gebouw met veel glas.
Net als het nieuwe
stadshuis van
Nieuwegein. Ik was daar laatst voor een
opening. Veel glas. Want transparantie
is het motto van deze tijd: binnen en
buiten moeten verbonden zijn. Geen
achterkamertjes, geen ivoren torens,
maar openheid, communicatie,
verbondenheid. De directeur van een
gezondheidscentrum hield een toespraak.
Hij maakt zich zorgen. Een zeer groot
aantal Nieuwegeiners heeft klachten die
eigenlijk geen lichamelijke oorzaak
hebben. Het heeft met hun situatie te
maken. Veel mensen zijn onrustig, maken
zich zorgen, gaan onder iets gebukt. De
economische crisis ondergraaft ook nog
eens het gevoel van veiligheid en
zekerheid. Ik voel dat zelf en herken
het bij anderen. Deze huisarts deed een
beroep op alle aanwezigen om zich nog
actiever in te zetten voor de
leefbaarheid van de stad en de
verbondenheid tussen mensen. Ook een
opwekkend woord, een positief woord dat
hoop uitstraalt, achtte hij van
levensbelang. Het gaf me een extra
stimulans om echt iets van de
kerstvieringen te maken. Bij de
Zonnebloem bijvoorbeeld, waar 160
ouderen bij elkaar waren, en waar mensen
zichtbaar genoten van de ontmoeting, die
hen hun zorgen en eenzaamheid even deed
vergeten. Een ontmoeting rond het
verhaal: het verhaal van de kerst. Ook
vanavond besef ik dat woorden nooit
zomaar woorden zijn; woorden doen er
toe. Een positieve boodschap kan het
duister lichter maken; ze kan mensen die
ergens onder gebukt gaan lichtvoetiger
maken. En daarmee bijdragen aan hun, aan
onze gezondheid.
Binnen en buiten; ze werken op elkaar
in. Als je ongezond leeft en veel
piekert ga je achteruit, kun je kansen
die er zijn niet pakken. Je leven wordt
armer. Als er van binnen licht schijnt,
dan werkt dat door naar buiten, naar je
gezondheid, naar je relaties, naar wat
echt gelukkig maakt. Je durft lief te
hebben! Binnen en buiten: deze woorden
komen ook voor in een tekst van
Augustinus. Deze kerkvader, theoloog en
bisschop uit de vijfde eeuw, die
trouwens ook vader was, werd op latere
leeftijd gedoopt. Hij schreef over zijn
relatie met God: “Veel te laat heb ik U
lief gekregen, o schoonheid zo oud en
toch zo nieuw.” En dan komt die zin over
binnen en buiten: “Binnen in mij was Gij
en ik was buiten, en dáár zocht ik U. Ik
stortte mij op de mooie dingen die Gij
gemaakt hebt. Gij was bij mij, maar ik
was niet bij U!”.
Wat is dat vandaag de dag: God buiten
je zoeken? We zoeken God buiten onszelf
als we onze ziel en zaligheid ophangen
aan of het wel goed gaat: met onze baan,
met onze familie, met onze gezondheid,
met de economie. Als je vooral daarop
leunt, dan ga je vroeg of laat een keer
onderuit. Want we zijn kwetsbare wezens
in een steeds veranderende wereld. Als
je houvast uit je uiterlijke
omstandigheden bestaat, dan voel je je
volkomen machteloos als dat houvast
wegvalt. En dat gebeurt een keer. In het
Franse klooster in Taizé, u weet wel,
waar zoveel jongeren komen, sprak ik
eens een Duitse huisarts die zei: “Veel
klachten komen eigenlijk voort uit een
verwaarlozen van de ziel”. Een uitspraak
om eens over na te denken.
U bent vast hier naar toe gekomen om
voedsel voor de ziel te zoeken, om iets
van God op het spoor te komen. Zonder
Jezus is kerst geen bal aan, las ik op
een poster; Een grappige uitspraak. Maar
zo is het wel. Zonder het evangelie
blijft het buitenkant. Gezellig, maar
het vervliegt zo weer, omdat de ziel
niet is gevoed. We voeden ons vandaag
met oude verhalen. Over een lang
verwachte vredevorst. En over een kind
in de kribbe. We dompelen ons onder in
de warmte van de zang, en in het warme
bad van de saamhorigheid, van het samen
toezingen van God die mens werd.
Het lijkt alsof we iemand bezingen
die buiten ons is; ja die we zelfs hoog
in de hemel projecteren. Maar de
boodschap van de kerst is juist dat God
zich met ons en met de aarde verbonden
heeft. Als wij liefhebben, soms tegen de
verdrukking in, dan is het de Geest van
de mens geworden God die in ons leeft.
Goed kerstmis vieren is: de
liefdesrelatie met die innerlijke
partner weer op het spoor komen en de
kracht ervan ervaren. Goed Kerstmis
vieren is: weer ontdekken dat de liefde
van de Eeuwige in ons vlees en bloed
geworden is en ons wil dragen door de
tijd. Augustinus schreef over zijn
relatie tot God: “Uiterlijke dingen
hielden mij ver van U verwijderd”. Maar
dan bidt hij: “Toen hebt Gij geroepen en
geschreeuwd en mijn hoofd doorbroken.
Geschitterd en gestraald hebt Gij en
mijn blindheid verjaagd. Een heerlijke
geur hebt Gij verspreid; en diep ademde
ik die in en nu snak ik naar U. Ik heb U
geproefd en sindsdien dorst en honger ik
naar U. Gij hebt mijn hart geraakt, en
het is ontvlamd in verlangen naar Uw
vrede.”
Moge dit kerstfeest ons de kracht van
die wederzijdse liefdesrelatie tussen de
Barmhartige en ons doen herontdekken.
Als we weer beseffen dat de liefde van
God echt in ons woont, dan gaan we
anders om met wat ons overkomt. Als je
door iets uit het lood geslagen wordt,
dan kun je daarop reageren door anderen
of het noodlot de schuld te geven en of
te vluchten in zelfmedelijden. Je kunt
ook je pijn en je verwarring onder ogen
zien en die in je gebed voor God
brengen. Je kunt vragen om steun, om
hulp. Juist dan kan het licht van God
meer gaan schijnen van binnen. Dan
worden we transparanter. Er is als het
ware een licht dat van binnenuit op onze
situatie kan gaan schijnen; een licht
dat ons troost, een licht dat ons
bemoedigt, een licht dat ons
lichtvoetiger maakt en de kracht geeft
werkelijk lief te hebben. Dat dit moge
gebeuren, dat wens ik u mede namens de
collega’s van het pastoraal team van
harte toe. Een zalig kerstfeest.
Hans Oldenhof |