Gedaanteverandering van de Heer (6 augustus)
Wie op vakantie in de landen van de oosters-orthodoxe kerken komt,
merkt dat 6 augustus daar een grote feestdag is. En in de oecumenische
broedergemeenschap van Taizé die vanaf haar aanvang ook contacten
met de kerken van het Oosten onderhoudt, is het een hoogdag. Meestal
legt daar op die dag een nieuwe broeder zijn gelofte af.
In de westerse liturgie lezen we op de tweede zondag van de veertigdagentijd
het evangelie over de Gedaanteverandering.

Jordaan
Matteüs, Marcus en Lucas vertellen alle drie dat Jezus met Petrus,
Jacobus en Johannes een berg opging, dat daar zijn gelaat begon te
stralen en zijn kleren schitterend wit werden. Hij spreekt dan met
Mozes en Elia, de grote mannen uit het Oude Testament. Dan zegt Petrus:
"Heer, het is goed hier te zijn, laten wij drie tenten bouwen, een
voor u, een voor Mozes en een voor Elia."
Daar zegt dan een stem uit de wolk: "Dit is mijn geliefde Zoon,
luister naar Hem". Deze openbaring lijkt op die bij de doop van Jezus
in de Jordaan, hier wordt de godheid van Jezus geopenbaard, in de
context van het naderende lijden van Jezus. Hij heeft door zijn gedaanteverandering
het geloof van zijn leerlingen willen versterken.
Berg
Zij konden zich niet voorstellen dat hun Meester zou gaan lijden
en sterven en daarna verrijzen. Toch had Hij dat meermalen aan hen
gezegd. Met dit gebeuren op de berg liet Hij aan de drie uitverkoren
leerlingen een voorproef zien van zijn opstanding, maar Hij verbood
hun daarover te spreken voordat Hij uit de dood zou zijn opgestaan.
Met
dit feest viert de kerk de Openbaring van Jezus als de Zoon Gods,
maar ook dat Hij zijn leerlingen voorbereidde op wat er met hem in
Jeruzalem zou gebeuren. De evangelieverhalen hierover noemen de berg
niet met name, maar de traditie wijst de berg Tabor in Noord-Israël
aan als de berg van de Gedaanteverandering.
Grote openbaringen
Het feest werd in 1457 in het Westen ingevoerd om God te danken
voor de door het christelijke leger behaalde overwinning op de Turken
een jaar eerder. Voor de invoering van deze feestdag werd het mysterie
van de gedaanteverandering al jaarlijks overwogen. Zoals nu nog werd
dit geloofsgeheim, een verwijzing naar de verrijzenis van Jezus, elk
jaar op de Tweede zondag van de Veertigdagentijd verkondigd.
De kerkvaders hebben de gedaanteverandering gezien als een 'theophanie',
als een van de grote openbaringen van Gods heerlijkheid.
Parochiebladenservice: Jos Berkelmans, Evert de Jong
|