Tabor reisverhalen
Een aantal parochianen heeft in 1999 deelgenomen aan een oecumenische
reis naar Israël. Een van hen verhaalt over de kennismaking met de
berg Tabor.
‘U hebt noord geschapen en zuid,
om Uw naam juichen Tabor en Hermon’ [1]
"Toen we intekenden voor de reis naar Israël had ik nog nooit van
de berg Tabor gehoord en er ook geen speciale belangstelling voor.
Toen onze parochie met Pinksteren voor deze naam koos heb ik gevraagd
om de berg in het reisprogramma op te nemen.
Onze eerste kennismaking volgde na een lange en slaperige busrit
vanuit zuid-Israël. We hadden de voorafgaande nacht bij bedoeïenen
in tenten geslapen (het leek wel een schoolkamp) en ‘s morgens nog
een kameeltocht door de Negev woestijn gemaakt.

Opeens riep onze gids Eli door de omroep van de bus, dat de berg
Tabor te zien was. Ik schrok op en daar was hij dan, die berg waarover
in de parochie zo veel gesproken was! Eerste indruk: een keurige molshoop.
Vanaf de opgravingen van Tel Megiddo hadden we nog een veel mooier
gezicht op de omgeving.
De naam van het noordelijke gedeelte van Israël, Galiea, is afgeleid
van Galim, dat golven betekent. Galilea is een golvend landschap.
Kijkend vanaf Megiddo (betekent: vet, vruchtbaar) ziet men de weidse
Yizreëlvallei, waarin katoen wordt verbouwd en aan alle kanten bergen
met bekende Bijbelse namen. Recht tegenover ziet men de stad Nazaret,
met daarnaast de berg Tabor. In het westen ziet men de Carmel, in
het noordoosten de berg Hermon, in het oosten de bergen van Gilead
en Gilbeon (de berg van Saul).
De berg Tabor (Har Tavor) is een niet al te hoge (588 m), regelmatig
gevormde berg, die op een strategisch punt ligt en daarom vaak het
toneel van veldslagen was.
De Egyptische Farao Thutmoses III vocht hier al in 1478 voor Chr.
om de belangrijke handelsroute van Egypte naar Damascus en Sisera
werd er door Barak verslagen (Richt. 4:6, 12, 14).
In het Eerste Testament wordt Tabor nog een paar maal vermeld (Joz.
19:22, Hos. 5:1).
Op grond van het apocriefe Hebreeënevangelie [1] wordt de Tabor gezien
als de plaats van Jezus' verheerlijking
(Matt. 17:1-9).
In de periode rondom het begin van de jaartelling was de Tabor
een van de bergen waarop vuren werden ontstoken om het aanbreken van
de nieuwe maan(d) en het begin van de godsdienstige feesten aan te
kondigen. Maar ondanks de Bijbelse associaties is de Tabor voor joden
geen heilige plaats.
Op de vrij vlakke top staat een basiliek en een klooster van de
franciscanen. Ook is er een Griekse kerk. Maar een bezoek aan de bergtop
zat er niet in omdat de bus de steile, bochtige weg naar de top niet
kon rijden. Een beschouwing over het uitzicht vanaf Tabor kan ik dus
niet geven en laat ik graag aan een andere parochiaan over.
Op zo’n 25 km afstand van Tabor ligt de plaats Rosh Pinna, dat
zoveel betekent als Hoeksteen.
‘U hebt noord geschapen en zuid...’, zo zegt de psalm. Je begrijpt
dat de psalmdichter het had over Galilea en Judea. Maar in Israël
beleef je de Bijbelse woorden zo dichtbij dat opeens Jutphaas en Vreeswijk
in gedachten schieten. In ieder geval zag de psalmdichter Tabor verheven
boven geografische tegenstellingen."
Paul Nieuwenhuis
[1] De titel van deze aflevering is ontleend aan Psalm 89 vers 13
en is een knipoog naar de wreveligheden die soms bestaan tussen parochianen
van de voormalige parochies in Nieuwegein Noord (Jutfaas) en Nieuwegein
Zuid (Vreeswijk).
[2] "Just now my mother the Holy Spirit took me by one of my
hairs and bore me up on to the great mountain Tabor."
(zie wikipedia)
Nogmaals de Berg Tabor
Graag wil ik ingaan op ingaan op de uitnodiging van de vorige schrijver
om mijn verhaal te vertellen over de top van de Berg Tabor. Ik ben
namelijk een week later ook in Israël geweest. Uiteraard stond ook
voor mij een bezoek aan de berg Tabor op het programma. Wellicht ben
ik de eerste parochiaan die, sinds onze parochie Tabor heet, op die
berg is geweest. Op een snikhete dag, eind oktober, kwam ons reisgezelschap,
na een bezoek aan Nazareth, aan bij de voet van de berg Tabor. De
weg naar de top is niet geschikt voor bussen zodat aan de voet van
de berg werd overgestapt in taxi's. Na een bloedstollende rit met
vele haarspeldbochten werden wij afgezet op een parkeerterrein aan
het begin van de tuin van het klooster van de Franciscanen.
Als herinnering aan het verhaal van de verheerlijking van Jezus
werd in 1924 op de top van de berg, door de architect A. Barlussi,
een moderne kerk in de Romeins-Syrische stijl gebouwd. Tijdens de
bouw werden de resten van vroegere basilieken ontdekt. Er zijn nog
veel ruïnes te zien van vroegere gebouwen.

Boven het uit de 12 eeuw daterende kruisvaardersaltaar in de centrale
apsis van de basiliek bevindt zich het mozaïek van de gedaanteverandering
van Jezus. Hij is afgebeeld in een helder wit gewaad tegen een glanzend
gouden achtergrond. Hij wordt geflankeerd door de profeten Mozes en
Elia. Onder hen zijn Petrus, Jacobus en Johannes afgebeeld. Een schitterende
kerk! Met een grote trap daal je af naar de crypte achter het altaar,
waar zich ook mooie mozaïeken bevinden. Vanaf het terras achter de
kerk heb je een schitterend uitzicht op de Vallei van Yizreël. De
Joodse kolonisten hebben van dit uitgestrekte moerasgebied één van
de vruchtbaarste landbouwstreken van het land gemaakt. In de zomer
wordt hier katoen verbouwd, dat na te zijn geoogst, in grote balen
wit plastic wordt verpakt. Die balen zijn dan overal in het landschap
te zien.
Tineke Steen
|