Er zat een draadje los (dec. 2004)
Deze maand sprak ik met mevrouw Riet van den Hoogenhoff - Camu,
die de hele zomer druk geweest is met het restaureren van een kazuifel
van de Barbarakerk. We beginnen met het maken van foto's bij daglicht
in de tuin van de kerk. Vol trots bekijkt ze haar werk en wijst de
plaatsen aan waar veel werk aan is geweest. Ze vertelt dat ze vroeger
op het borduuratelier van de firma Cox in de Maliestraat in Utrecht
heeft gewerkt waar o.a. kazuifels, stola's, vlaggen en vaandels werden
vervaardigd. Ze heeft daar gewerkt van haar 18e totdat ze zes jaar
later ging trouwen.
Ik heb dat altijd fantastisch mooi werk gevonden. Toen ik hoorde
dat er kazuifels werden tentoongesteld op de restauratiezondag, op
30 april jl wilde ik meteen gaan kijken. Zodoende kwam ik in gesprek
met dhr Wim Zuurhout die me de topstukken heeft laten zien. Toen we
zo aan de praat waren vertelde ik wat voor werk ik gedaan had vroeg
ik of er misschien nog een kazuifel opgeknapt moest worden. Wim toonde
me dit kazuifel, waar een paar draadjes aan loszaten.
Een
maand later heb ik het opgehaald. Ik vond het vreselijk leuk om het
werk na al die jaren weer te doen. Maar toen ik thuis kwam ben ik
erg geschrokken van de staat waarin het gewaad zich bevond. Maar daarin
vond ik ook wel weer een enorme uitdaging. Mijn man heeft een groot
raam gemaakt waar we het op konden spannen. Dat heeft een groot deel
van het restauratiewerk in de huiskamer gestaan. Alles moest even
opzij. Ik heb er in 4 maanden tijd ongeveer 200 uur aan besteed.
Veel borduurwerk was helemaal vergaan. Ik heb dus weer garen moeten
zoeken in de goede kleuren en met fijne naaldjes heb ik het weer opnieuw
aangebracht.
Verder heb ik alle kraaltjes en pailletjes vernieuwd en heb ik het
gouddraad opnieuw aangebracht.
Het goudbrokaat heb ik vernieuwd voor zover dat nog mogelijk was.
Het was een "heidens" werk, maar ik vond het schitterend.
Op de band zijn allerlei bloemmotieven te vinden. Dat is applicatiewerk.
Applicatiewerk is stof op stof, soms met karton erin, dat vervolgens
wordt geborduurd. Dan ontstaat wat we tegenwoordig een 3D effect noemen.
Het is best zwaar werk. Het kazuifel is erg zwaar, maar zo'n klos
gouddraad is ook al erg zwaar.
Met Barbaradag was het klaar en werd het kazuifel in zijn nieuwe
glorie getoond. Op het feest van Christus Koning (20 november)zal
het in de mis gebruikt worden.
Ik ben altijd erg creatief geweest. Als kind wilde ik graag naar
de tekenacademie. Maar mijn moeder vond dat maar niks voor een meisje.
Een meid kon het best naar een naaiatelier. Ik had al een paar banen
gehad toen ik bij Cox begon. Dat is een leuke tijd geweest. Meneer
Cox en de cheffin waren vreselijk streng. Als er een steekje niet
goed zat, moest het helemaal overnieuw. En wij zaten daar allemaal
in keurige witte gesteven schorten. Maar toch hebben we vreselijk
veel lol gehad. We zaten met een stuk of 12. We hebben wel eens avonden
doorgewerkt aan een vlag van de NS, die op tijd klaar moest zijn.
"Boven" werd het patroon op de stof aangebracht. Op een vel papier
waren de motieven geschetst. In dat papier werden kleine gaatjes geprikt
en op de stof gelegd. Daar werd dan een blauw poeder op gestrooid,
dat door de gaatjes op de stof kwam. Dan ging er spiritus overheen,
zodat het blauwe poeder bleef zitten. Wij deden het applicatie en
borduurwerk. "Boven" deden ze dan het tamboereren (mechanisch borduren)
en het in elkaar zetten van de kazuifels. Ik heb mooie herinneringen
aan die tijd en ken nog steeds een aantal dames van het atelier.
Ik ben altijd geïnteresseerd gebleven in lappen en stoffen. Ik
maak nog altijd de kleding van mezelf en mijn man. Ik heb lang de
wens gehad om een boetiekje te beginnen, maar dat is er nooit van
gekomen.
Maar het kazuifel kan nu weer jaren mee. Ik denk dat de stof eerder
vervangen moet worden, dan dat er weer wat aan het borduurwerk moet
gebeuren.
Bij het opruimen van het kazuifel vonden we een ander exemplaar
waar ook een draadje aan los zat. Ze zegt lachend: "Het is heerlijk
werk, maar voorlopig even niet".
Paul Nieuwenhuis
| Over het Kazuifel
Het kazuifel is in 1912 geschonken door Adrianus
Beeckers en familie en is aangekocht voor het bedrag van f 160,--.
Het is geschonken toen de Barbarakerk pas was ingezegend. Over
de familie en de reden van de schenking is de redactie verder
niets bekend.
Het kazuifel is vervaardigd door de fa Cox
in Utrecht.
De centrale afbeelding stelt Christus voor
met kruisnimbus, die met de linkerhand wijst naar het H. Hart
op de borst en met de rechterhand een zegenend gebaar maakt.
Het middenstuk bestaat uit een band die is
versierd met gesteelde bloemmotieven.
Begrippen:
Kazuifel: Mouwloos zijden opperkleed
in liturgische kleur dat gedragen wordt door de priester als
voorganger bij de eucharistieviering.
Nimbus: Stralenkrans rond hoofd of lichaam in afbeeldingen
van God of heiligen
Kruisnimbus: wordt alleen gebruikt als nimbus voor Christus.
Heilig Hart: Devotie tot Christus' hart als symbool van
liefde; de populariteit ervan vindt haar oorsprong in de visioenen
van de heilige Maria Margaretha Alacoque (1647-1690) in een
klooster te Paray-le-Monial.
Wit: De kleur van het kazuifel is wit. De kleur wit wordt
gedragen op de feesten van Christus, Maria en heilige niet-martelaren
http://www.kdc.kun.nl/geschiedenis/kathabc.html
|
|