Zinvol verder leven na verlies (aug. 1020)
In september is er weer een mogelijkheid voor mensen die
iemand verloren hebben, om deel te nemen aan een
rouwverwerkinggroep. Om wat meer hierover te weten te komen ging
ik in gesprek met Margreet van Angelen, een van de begeleiders
van de rouwverwerkinggroep.
Waarom zou je deel kunnen nemen aan een rouwgroep?
Na verloop van tijd kan het gebeuren dat de nabestaande met
zijn/ haar verhaal niet voldoende terecht kan in de naaste kring
van familie en vrienden. Dan kan het prettig zijn als je in een
rouwgroep het er nog eens over mag hebben wat er met je gebeurd
is. Lotgenoten begrijpen elkaar soms al met een half woord. Dat
kan herkenning en erkenning geven.
Kun je vertellen wat jullie werk inhoudt?
Ieder half jaar doen we een aanbod voor mensen die een dierbare
verloren hebben. Zij kunnen in een groep van maximaal acht
personen praten over hun verlies.
Naast deze groepsrouwverwerking bieden we ook individuele
begeleiding op maat.
Er is altijd eerst een intakegesprek met de mensen om te kijken
wat voor begeleiding bij hen past.
Voor een groep proberen we altijd te selecteren op bijv. jonge
weduwen en weduwnaars, of oudere weduwen en weduwnaars, of
ouders die een kind hebben verloren. De groepen hebben een
gesloten karakter, dat wil zeggen dat er tussentijds geen nieuwe
mensen bij komen.
We organiseren per groep zes tot acht bijeenkomsten en er zijn
altijd twee begeleiders bij. We hebben ook thema’s, maar haken
vooral in op wat de groep wil. De eerste keer stellen mensen
zich voor en vertellen hun verhaal.
Wat kan een thema zijn?
Wij leggen bijvoorbeeld uit hoe een rouwproces in elkaar kan
zitten.
Er zijn vier belangrijke stappen:
- Als eerste komt aan bod het erkennen en aanvaarden van het
verlies: weten dat de overledene niet terugkeert.
- Het verwerken van de pijn: het verdriet dat er is onder
ogen zien. Dat is rouwen.
De pijn om de dood erkennen en doorléven (dit is per persoon
verschillend).
Als men de pijn van het doorléven wil ontlopen, kan de pijn in
lichamelijke symptomen of afwijkend gedrag naar boven komen.
- Het aanpassen van een leven waarin de overledene
ontbreekt: praktische aanpassing en waarden die veranderen,
denk aan identiteit: je bent bijv. niet meer de vrouw/man van…
De overledene emotioneel een plaats geven en verder leven.
Gebeurt dit niet, dan kan de persoon zich niet binden aan
anderen, omdat die ander nooit zo goed zou kunnen zijn als de
overledene.
- Voor veel mensen is de vierde taak de moeilijkste. Men
zegt dan vaak: bij het overlijden van … is het leven gestopt.
Het einddoel is: zinvol verder leven. En weer openstaan voor
nieuwe vriendschappen, relaties e.d.
Speelt het geloof hierin een rol?
Er is veel aandacht voor spiritualiteit en voor de waarden van
het leven. Maar we zijn niet kerkelijk gebonden. Spiritualiteit
hoeft niet aan religie gebonden te zijn. We staan open voor
iedereen.
Bij het intakegesprek vragen we wel aan mensen of zij het
belangrijk vinden om over het geloof te praten, of dat zij het
storend zouden vinden wanneer zij zelf niet gelovig zijn. Hier
houden wij rekening mee.
Hoe benaderen jullie mensen?
We doen oproepen via de Hoeksteen, Molenkruier, Stadsblad en
Zenderstreek en verspreiden folders bij de gezondheidscentra.
De drempel om mee te doen kan hoog zijn. Soms haken deelnemers
vooraf af, dan zien ze er teveel tegenop.
De eerste keer is altijd het moeilijkst, mensen zien er tegenop
om te komen en je hoort vaak dat ze geneigd waren om af te
bellen. Wij zorgen er dan ook voor om die eerste bijeenkomst
niet te zwaar te maken. Maar als mensen eenmaal een keer geweest
zijn, bellen ze niet gauw meer af, maar kijken ze uit naar de
bijeenkomsten. Ze ontmoeten daar eindelijk mensen die snappen
wat ze voelen. Ze zijn onder gelijkgestemden. We merken dat na
het stoppen van de
groepsbijeenkomsten,
mensen vaak elkaar blijven ontmoeten.
De bijeenkomsten zijn meestal in de Emmauskerk. Vooral het
stiltecentrum is een goede plek daarvoor. Het is een fijne
ruimte met natuurlijke elementen: water in de doopvont, vuur van
de paaskaars, een open verbinding met de aarde. Daar kun je stil
worden en in het nu komen. We hebben ook een ritueel met stenen
waar teksten op staan. We nodigen mensen uit om een kaarsje bij
één van de teksten te zetten die hen op dat moment aanspreekt.
Op vrijwillige basis vertellen ze dan om de beurt wat hen daarin
aanspreekt. Dat maakt mooie gesprekken los.
We hanteren wel regels voor de groep:
- Toon respect bij het luisteren naar
elkaar;
- Ieder rouwproces is verschillend, ieder
heeft zijn eigen beleving;
- Alles moet binnen de groep blijven;
- Men mag elkaars verhaal niet ‘afpakken’
(niet onderbreken met eigen
verhalen);
- We doen niet aan ‘leedconcurrentie’;
De begeleiders houden het groepsproces in de gaten.
Belangrijk bij deelname aan een groep is, dat mensen thuis
iemand hebben die hen opvangt, waar ze hun verhaal aan kwijt
kunnen. Of dat ze bijvoorbeeld hun kinderen kunnen bellen, als
ze alleen wonen. Het liefst houden we de bijeenkomsten daarom
ook ’s ochtends.
Wat niet iedereen weet: werkgevers geven daar vrij voor omdat ze
het nut van deze bijeenkomsten inzien.
De groepsbijeenkomsten zijn geschikt voor niet-gecompliceerde
rouw. Daar is ook het intakegesprek voor. Soms zijn er meerdere
problemen en hebben zij andere, passende begeleiding nodig. Dan
verwijzen wij ze ook door naar bijv. professionele therapeuten
of maatschappelijk werk.
Wanneer begeleiden jullie mensen individueel?
Soms hebben mensen genoeg aan hun eigen rouw, zonder dat ze ook
nog met het leed van anderen geconfronteerd worden. Sommigen
gedijen niet in een groep.
De individuele begeleiding is ook zes tot acht keer. Ouders die
een kind verloren hebben begeleiden we vaak individueel omdat
bij te weinig deelnemers geen groep mogelijk is, maar we brengen
soms wel mensen met elkaar in contact die hetzelfde hebben
meegemaakt.
Krijgen jullie als begeleiders ook ondersteuning,
bijvoorbeeld vanuit het pastorale team?
Wij zijn eigenlijk heel zelfstandig. We zijn met 5 begeleiders
en houden samen intervisie en overleggen veel met elkaar. We
hebben wel een opleiding rouwbegeleiding gehad, en zijn
verbonden aan de LSR, de Landelijke Stichting Rouwbegeleiding.
We volgen ook nascholing.
Wel worden we ondersteund door de kerk wat betreft de financiën
en de ruimte, en bij problemen kunnen wij bij de pastores
aankloppen. We houden hen ook jaarlijks op de hoogte van wat we
doen. Soms neemt pastor Höfte, die onze contactpersoon is, ook
deel aan de intervisie.
De fusie is net rond, zijn jullie ook al regionaal bezig?
Wij hebben altijd al samengewerkt met IJsselstein en Montfoort
en andere gemeenten, maar we willen nog breder gaan samenwerken.
Dan kun je ook makkelijker op leeftijd groepen maken.
Zullen mensen de afstand geen bezwaar vinden?
Mensen vinden het soms juist wel prettig als ze naar een andere
plaats kunnen gaan. Het is wat anoniemer dan in een kleine
gemeenschap waar iedereen elkaar kent. Bovendien kan het ook nog
wat toevoegen als mensen met elkaar meerijden.
Waarom heb je ervoor gekozen om juist dit werk te gaan
doen?
Ik was al werkzaam in de bezoekgroep. De rouwbegeleidingsgroep
is daaruit ontstaan. In het verleden deed de pastor dit werk
samen met een vrijwilligster. Zo ben ik er als vrijwilligster
ook voor gevraagd. Toen de pastores taken gingen afstoten ben ik
die taak gaan overnemen. Vanuit de kerk heb ik indertijd mijn
opleiding mogen volgen.
Belangrijk voor mij is de gedachte: omzien naar elkaar. Vanuit
die gedachte hoop ik een stukje mee te kunnen lopen met mensen
die een verlies geleden hebben.
Ineke Brouwer |