Vijfenzeventig procent vindt zijn weg
(nov 2008)
Een gesprek met Philip Holst bij zijn afscheid van
Vluchtelingenwerk Nieuwegein

Iets meer dan één op de vijf inwoners van Nieuwegein (21%,
162 nationaliteiten in 2004) heeft zijn of haar wortels buiten
Nederland liggen.
Daaronder
zijn ook mensen die als vluchteling gekomen zijn: ongeveer
vierduizend. Een goede inburgering is iets waar we allemaal
belang bij hebben: dat nieuwkomers hun weg vinden, zich thuis
gaan voelen en een bijdrage aan de samenleving leveren. Een
belangrijke rol in de beginperiode speelt daarbij
Vluchtelingenwerk, waarvan Philip Holst 15 jaar coördinator was.
Hij deed zijn werk met passie. Hoe kijkt hij terug op 15 jaar
wisselwerking tussen vluchtelingen, overheid en bestaande
bevolking?
De eerste jaren dat ik hier werkte was er meer openheid. We
konden gemakkelijker vrijwilligers vinden en buren en omwonenden
waren eerder behulpzaam als er asielzoekers in een ROA-huis
kwamen wonen. (ROA = Regeling Opvang Asielzoekers)
Vanaf 1999 kwamen er alleen nog maar mensen die als vluchteling
erkend waren en die dus mochten blijven. Het klimaat was
ondertussen wel harder geworden. Ik heb veel respect voor al die
mensen die na 600 uur taalles de toets halen, stap voor stap
steeds meer ingeburgerd raken en hard op zoek gaan naar werk. Er
is nu ook een heel mooi boek dat gebruikt wordt om mensen kennis
te laten maken met de Nederlandse samenleving. Uiteindelijk
slaagt ongeveer 75 % erin om betaald werk te krijgen. Vaak
vinden ze werk onder hun eigen niveau. Hun oude diploma’s worden
hier vaak niet erkend en ze hebben maar recht op kortdurende
beroepsopleidingen. De hogeropgeleiden zijn het meest
gemotiveerd, ook door de talenten die ze hebben. Bij een
middengroep en bij lager-opgeleiden zie je nogal eens dat ze
veel langer last hebben van opgelopen trauma’s. De kinderen
leren gelukkig de taal heel snel. Naar verhouding zijn er veel
alleenstaanden. Met name bij de vrouwen onder hen is er nogal
eens sprake van vereenzaming. De Gemeente moet ongeveer dertig
personen en gezinnen per jaar huisvesten. Door het Generaal
Pardon zijn dat er nu wat meer. Dat nieuwe mensen aan meer eisen
moeten voldoen (door de wet op de inburgering) vind ik een heel
goede zaak. Sinds 2000 moeten mensen verplicht naar school. Bij
het ROC in Hoog Zandveld wordt er goede kwaliteit geboden. Het
is jammer dat de Gemeente ook goedkopere aanbieders zoekt;
goedkoper is vaak ook minder, en 600 uur is al zo weinig.
En waarom zijn er nog steeds veel mensen die maanden
moeten wachten tot de taalles begint?
Een deel van de mensen komt niet aan het werk, door hun leeftijd
of door opgelopen trauma’s. Net als onder hier geboren
Nederlanders komt er bij een kleine groep criminaliteit voor en
misbruik van voorzieningen. De overheid houdt dat scherp in de
gaten.
Mensen komen uit allerlei landen en culturen. Welke
invloed heeft dat op hun inburgering?
Ik merk dat mensen uit Azië zich het gemakkelijkste aanpassen.
Het gaat dan om mensen uit landen als Sri Lanka, Pakistan,
China, Tibet en Vietnam. Bij mensen uit de Arabische wereld (uit
landen als Irak, Afghanistan en Somalië) duurt het wat langer
maar vaak vinden ze hun weg wel. De Afrikanen zijn erg gehecht
aan hun eigen tradities. De christenen onder hen vinden al gauw
hun weg naar eigen kerken in Amsterdam. Er zijn nogal wat
christenen onder de vluchtelingen. Maar ook boeddhisten (uit
Vietnam). Ongeveer de helft van de vluchtelingen die mogen
blijven is moslim. Onder hen zijn grote verschillen in beleving.
Boerka’s heb ik nergens gezien. Katholieken vinden nogal eens
onderdak bij de parochie (met name de Emmauskerk). Voor een
vrouw uit Nigeria met drie kinderen is het heel fijn dat ze goed
is opgenomen in de gemeenschap van De Bron. Een aantal
vluchtelingengroepen heeft eigen sociale en religieuze
organisaties opgezet. De S.W.N. probeert ze te ondersteunen.
Hoe kunnen mensen wier wortels hier liggen bijdragen aan
het welzijn van vluchtelingen?
Mensen vinden het heel belangrijk dat er respect voor ze is. Zij
proberen dat ook voor anderen op te brengen. Ze kunnen er
moeilijk aan wennen dat veel mensen in de straat zo langs elkaar
heen leven. Om elkaar te leren respecteren is contact nodig. En
daar ontbreekt het nogal eens aan. Wat moet je met buren die je
nooit echt gesproken hebt en die heel snel klagen over
etensluchtjes? Net als mensen die hier geboren zijn hebben
vluchtelingen vaak hulp nodig bij het invullen van formulieren
en bij het vinden van de weg in de bureaucratie. Mijn opvolger,
Annet van der Nat, gaat maatjes zoeken die een tijdlang mensen
één-op-één begeleiden. Het doel ervan is dat ze uiteindelijk
heel veel zelf kunnen doen. Net als bij Nederlanders blijft
altijd een deel afhankelijk van hulp, uit onmacht of door
gezondheidsproblemen. Al die jaren dat ik hier gewerkt heb gaf
de begeleiding aan “maatjes” vaak veel voldoening. Sommigen
hielden er ook een levenslange vriendschap aan over. Het is voor
mij goed dat ik nu stop. Ik ken veel mensen al heel lang en weet
veel van ze. Het gevaar is dat je teveel meegaat in hun
gevoelens. Soms is het nodig op afstand te gaan staan en tegen
mensen in te gaan. Bijvoorbeeld als ze denken dat je met een
Nederlands paspoort veilig op vakantie kunt gaan naar Irak,
Iran, Tibet of Afghanistan. Het kan wel zijn dat familieleden
ernstig ziek zijn. Maar de Nederlandse ambassade kan daar weinig
tot niets voor je doen. Mensen waarschuwen of een spiegel
voorhouden kan alleen als je echt contact met ze hebt en je om
ze geeft. Dan kun je ook tot samenwerking komen en irritaties
uitpraten. Het vraagt inzet en openheid van beide kanten.
Bij je afscheid zamel je geld in voor een goed doel, een
minibusje voor mensen in Bosnië.
Inderdaad. Een van de cliënten hier vertelde dat het busje
waarmee kinderen uit zijn dorp naar school worden gebracht
helemaal versleten is. De route is bergachtig en er liggen nog
veel landmijnen. De Gemeente Sebrenica betaalt de diesel, maar
niet het onderhoud. Van de benodigde € 10.000,- is nu een kwart
binnen. Ik zou het geweldig vinden als mensen een gift zouden
overmaken op giro 3823519 t.n.v. de Stichting Vrienden van
Vluchtelingenwerk te Nieuwegein o.v.v. actie bus Slatina.
Philip, het ga je goed. En we hopen dat je opvolgster en haar
assistente Jenny Peelen op de hulp van Nieuwegeiners kunnen
blijven rekenen.
Hans Oldenhof
P.s.: dit interview is de laatste activiteit van de Stichting
Opvang Dakloze Vluchtelingen. Deze werd opgericht om een huis te
exploiteren voor dakloze vluchtelingen. Dit huis heeft een
kleine twee jaar bestaan en heeft in een behoefte voorzien. Door
het Generaal Pardon is deze voorziening nu niet meer
noodzakelijk. De stichting wordt opgeheven. De zorg voor
vluchtelingen wordt nu weer "gewoon" een taak voor de Diaconie
en de Caritas en voor alle individuele christenen en alle mensen
van goede wil. |